Hoe verhoudt Nu Niet Zwanger zich tot Kansrijke Start?

Kansrijke Start kent drie actielijnen: voor, tijdens en na de zwangerschap. Nu Niet Zwanger staat beschreven in de actielijn voor de zwangerschap.

De situatie na een zwangerschap is tegelijkertijd een situatie voor een mogelijke nieuwe zwangerschap, en tijdens de zwangerschap kan er al verkend worden welke ideeën een cliënt heeft over de situatie na de bevalling. Daarmee loopt Nu Niet Zwanger als het ware door de drie actielijnen heen.

Een goede start begint al voor de geboorte, zelfs nog voor de conceptie en de zwangerschap. Rijk, gemeenten, geboorte- en jeugdgezondheidszorg, volwassen-ggz, welzijnswerk en wijkteams kunnen hier het verschil maken. Door het verbinden van de medische keten en het sociale domein bouwt u met Nu Niet Zwanger bij uitstek aan een lokale coalitie zoals die binnen Kansrijke Start wordt bedoeld.

“De kracht van Nu Niet Zwanger is vooral de persoonlijke aanpak en de samenwerking tussen verschillende instanties. Hulpverleners krijgen trainingen zodat zij gesprekken over kinderwens en anticonceptiegebruik in hun reguliere werkzaamheden kunnen integreren.”

De kracht van het programma volgens GGD Rotterdam-Rijnmond:

Nu Niet Zwanger doet meer dan het ondersteunen van mensen in het maken van een keuze rond hun kinderwens en anticonceptie. Door mensen serieus te nemen, in hun autonomie te respecteren en met hen samen te onderzoeken wat waarde heeft, voelen mensen zich gehoord, gezien, serieus genomen en krijgen zij een stukje regie terug over hun leven, waarin vaak sprake is van grote chaos. Zoals een jonge cliënte verzuchtte na plaatsing van een spiraal: “Oh wat fijn, nu kan ik me de komende jaren op school richten en hoef ik niet bang te zijn dat ik zwanger raak”. Of een dakloze, verslaafde cliënte die graag maandelijks wil blijven menstrueren: “Laat er nou één ding normaal blijven in mijn leven”.

 

Niet zelden focussen hulpverleners zich eerst op alle andere problemen in iemands leven, en zien dit thema als een sluitstuk. Terwijl de komst van nog een kind de huidige situatie alleen maar meer bemoeilijkt. Het bespreken van kinderwens is juist het begin in het helpen ordenen van de mogelijke chaos waarin een kwetsbare cliënt zich bevindt. Neem de cliënte die in de schuldhulpverlening zit en de eerste prikpil via het programma ontving. Toen zij hoorde dat de tweede prikpil 2 euro kost, zei ze: “Daar ga ik voor sparen, zodat ik die zelf kan betalen”